De economische overgang van handmatig naar machinaal vervaardigde
goederen staat bekend als de Industriële Revolutie. Deze werd door de Britse
familie Cockerill in het begin van de negentiende eeuw naar België gebracht door
de bouw in Seraing (nabij Luik) van de eerste hoogovens voor de productie van
staal.
Samen met de ontdekking en de ontginning van steenkool en ijzererts in
het Waalse bekken (de streek rond Luik en Charleroi) zorgde de metaalindustrie ervoor
dat België kon uitgroeien tot het tweede meest geïndustrialiseerde land ter
wereld.
De zware metaalnijverheid vormde dan weer vanaf 1835 de basis voor de
aanleg van een goed uitgebouwd spoorwegnetwerk in België (het allereerste op
het Europese vasteland) wat op zijn beurt zorgde voor een vlot goederenverkeer
van grondstoffen en afgewerkte producten.
Op het einde van de negentiende eeuw bereikte de economische crisis in
Europa een hoogtepunt. Het ganse werelddeel was voorzien van een spoorwegnet, de
industrie zat zonder nieuwe bestellingen
en de tweede industriële revolutie stond al voor de deur. Zodoende ging men op
zoek naar andere afzetgebieden en kwamen de Centraal-en Zuid-Amerikaanse landen
in het vizier die in die tijd een periode van grote economische ontwikkeling
beleefden, gedomineerd door de koffieplantages.
Gelijklopend met de integratie in de wereldmarkt van productie en
handel van de Centraal-en Zuid-Amerikaanse landen ontstond er aldaar tevens het
ideaal om de tendensen en vormen van de Europese architectuur over te nemen. Een
nieuwe elite wilde in de eerste plaats al het noodzakelijke invoeren om te
kunnen leven als in de Europese hoofdsteden.
Tot 1890 was koffie het enige exportproduct van Costa Rica. Aan het begin van de twintigste eeuw zorgden allerlei nieuwe machines ervoor dat de verwerkingstijd werd verkort en de koffiekwaliteit werd verbeterd. Vanaf de jaren 1920 ging het transport er aanzienlijk op vooruit waardoor de meeste koffie niet meer per ossenkar diende vervoerd te worden.
Koffie op weg naar
het station / Café de camino a la estación. (foto:www.delcampe.net)
De hoofdstad van Costa Rica kende vanaf het midden van de negentiende
eeuw een bevolkingsexplosie en een snelle ontwikkeling van de infrastructuur. Vermits
de geïmporteerde geschoolde arbeidskrachten onvoldoende waren om aan de steeds
groeiende vraag naar huisvesting te voldoen, was de import van kant-en-klare
systemen die aangepast waren aan de plaatselijke klimatologische omstandigheden
en ter plaatse werden geassembleerd, de duurste, spectaculairste en snelste
oplossing.
Eén van de specialisten in de productie van geprefabriceerde metalen huizen was de ijzergieterij van de Belgische broers Danly, gelegen te Aiseau (nabij Charleroi). Zij waren de uitvinders van een naar hen genoemd bouwsysteem dat bestond uit gegalvaniseerde ijzeren platen die niet werden gegolfd maar wel geperst. De platen wonnen zo aan sterkte, waren functioneel en zorgden voor een meer decoratief uitzicht.
Dit constructiemodel werd een succes dankzij de eenvoud van het
montagesysteem dat relatief gemakkelijk te transporteren was en ter plaatse kon
gemonteerd worden, zelfs door mensen met weinig ervaring, aan de hand van een
eenvoudig ontwerp.
Tevens had Danly met zijn systeem reeds de nodige ervaring opgedaan in
de Belgische kolonie Kongo waar de geprefabriceerde architectuur aantoonde dat dergelijke constructies ideaal
waren voor warme klimaten en aardbevingsgevoelige gebieden door hun dubbele
wand die zowel isolatie als ventilatie bood.
De export van België naar Centraal- en Zuid-Amerika van ijzeren architectuur-componenten of gehele woningen in ijzer vond voornamelijk plaats tijdens het laatste decennium van de negentiende en het eerste decennium van de twintigste eeuw. In de volgende twee delen gaan we wat dieper in op de Belgische metaalarchitectuur geëxporteerd naar Costa Rica.
Het historische Atlantisch treinstation in San
José, met sierlijke rode pannendaken en klassieke architectonische details,
werd gebouwd in 1908 en diende als eindstation voor de Atlantische spoorlijn,
die San José verbond met Limón en de Caribische haven / La “Estación del
Ferrocarril al Atlántico” en San José, una estación de tren histórica con
elegantes techos de tejas rojas y detalles arquitectónicos clásicos, fue
construida en 1908 y sirvió como terminal del Ferrocarril Atlántico, que
conectaba San José con Limón y el puerto caribeño.
Arquitectura metálica belga en Costa Rica, Parte 1
La Revolución Industrial marcó el paso de una economía basada en la producción manual a otra sustentada en la mecanización. En Bélgica, este proceso se inició a comienzos del siglo XIX con la llegada de la familia británica Cockerill, responsable de instalar los primeros altos hornos para la producción de acero en Seraing, cerca de Lieja.
Junto al
descubrimiento y aprovechamiento del carbón y del mineral de hierro en la
Cuenca Valona - la zona que abarca Lieja y Charleroi -, la industria
metalúrgica impulsó a Bélgica hasta convertirla en el segundo país más
industrializado del mundo.
A partir de 1835, la
industria metalúrgica pesada permitió establecer las bases de una amplia red
ferroviaria en Bélgica -la primera de la Europa continental-, asegurando así el
transporte eficiente de materias primas y productos terminados.
A finales del siglo
XIX, la crisis económica en Europa se intensificó. Para entonces, el continente
ya estaba cubierto por una extensa red ferroviaria, la industria enfrentaba una
falta de nuevos pedidos y la segunda revolución industrial comenzaba a
perfilarse. Como resultado, se buscó acceso a nuevos mercados, y los países de
Centroamérica y Sudamérica adquirieron especial relevancia, pues en ese momento
vivían un importante auge económico impulsado por las plantaciones de café.
Al mismo tiempo que
los países de Centroamérica y Sudamérica se incorporaban al mercado mundial de producción
y comercio, también se consolidó el ideal de adoptar las tendencias y formas de
la arquitectura europea. Una nueva élite aspiraba, sobre todo, a importar todo
lo necesario para reproducir el estilo de vida de las capitales europeas.
Hasta 1890, el café constituía el único producto de exportación de Costa Rica. Ya a comienzos del siglo XX, la incorporación de nuevas máquinas permitió reducir el tiempo de procesamiento y elevar la calidad del grano. Desde la década de 1920, además, el transporte experimentó mejoras considerables, de modo que la mayor parte del café dejó de trasladarse en carretas tiradas por bueyes.
Cogedores de café / Koffieplukkers
(foto:www.delcampe.net)
Desde mediados del siglo XIX, San José, capital de Costa Rica, vivió un fuerte crecimiento demográfico y una expansión acelerada de sus infraestructuras. Ante la insuficiencia de mano de obra especializada para cubrir la creciente demanda habitacional, la importación de sistemas prefabricados, adaptados al clima local y ensamblados en el lugar de construcción, se convirtió en una alternativa costosa, vistosa y rápida. Entre las empresas dedicadas a este tipo de producción destacó la fundición de hierro de los hermanos belga Danly, situada en Aiseau, cerca de Charleroi. Ellos desarrollaron un sistema constructivo propio, conocido con su apellido, basado en láminas de hierro galvanizado prensadas en lugar de corrugadas, lo que les otorgaba mayor resistencia, funcionalidad y un acabado más ornamental.
Vista general
de noreste a suroeste de San José donde se puede distinguir el Teatro Nacional,
la Catedral Metropolitana y muy al fondo la Iglesia de la Merced / Algemeen
uitzicht van noordoost naar zuidwest op San José, waar u het Nationaal Theater,
de Metropolitane Kathedraal en in de verte de kerk van La Merced kunt
onderscheiden. (foto: Fernando Zamora)
Este sistema constructivo
alcanzó un notable éxito gracias a la simplicidad de su montaje, ya que era
fácil de transportar y podía armarse en el lugar de instalación, incluso por
personas con poca experiencia, debido a su diseño sencillo. Además, Danly ya contaba
con una amplia experiencia en su aplicación en la colonia belga del Congo,
donde la arquitectura prefabricada demostró ser especialmente adecuada para climas
cálidos y zonas sísmicas, gracias a sus paredes dobles, que ofrecían aislamiento
y ventilación.
La exportación de
componentes arquitectónicos de hierro e incluso de viviendas completas de
hierro desde Bélgica hacia Centroamérica y Sudamérica se desarrolló sobre todo
durante la última década del siglo XIX y los primeros años del siglo XX.
En las siguientes dos secciones,
se profundizará un poco más en la arquitectura metálica belga exportada a Costa
Rica.
Bronnen/Fuentes:
Belgisch Erfgoed in Brazilië. (z.d./s.f.). Danly,
Albert Marie Joseph. https://www.memoriasbelgas.com.br/nl/creator/nl/danly-albert-marie-joseph-1839-1899
Castro Jiménez, J. (1990, 21 de marzo). Origines de la
arquitectura metálica en Costa Rica. La República.
Dumoulin, M.
(1993). Belgische investeringen in Latijns-Amerika. In/En R. Bleys & E.
Stols (Reds./Eds.), Vlaanderen en Latijns-Amerika, 500 jaar
confrontatie en métissage (pp. 283-294). Mercatorfonds.
Fundación Belga-Costarricense
[FUBELCO], 1996. La Arquitectura Metálica en Costa Rica, Influencias Belgas
y Europeas. Editorial de la Universidad Nacional [EUNA].
Gomes da Silva,
G. (1993). Belgische Metaalarchitectuur in Latijns-Amerika. In/En R. Bleys
& E. Stols (Reds./Eds.), Vlaanderen en Latijns-Amerika,
500 jaar confrontatie en métissage (pp. 337-352). Mercatorfonds.
Industriecultuur. (2023, 31
mei). Tweede leven voor Cockerills werkplaatsen in Seraing. https://www.industriecultuur.be/constructeurs/werkplaatsen-cockerill-seraing
Possemiers, J.
(1993). De Belgische handel en scheepvaart op Latijns-Amerika. In/En R. Bleys
& E. Stols (Reds./Eds.), Vlaanderen en Latijns-Amerika,
500 jaar confrontatie en métissage (pp. 337-352). Mercatorfonds.
Quesada Avendaño, F. (2007). La
modernización entre cafetales : San José, Costa Rica, 1880-1930. Instituto
Renvall.
Van Beeck, G.
(1993). Belgische Architecten en Bouwwerken in Latijns-Amerika. In/En R. Bleys
& E. Stols (Reds./Eds.), Vlaanderen en Latijns-Amerika,
500 jaar confrontatie en métissage (pp. 337-352). Mercatorfonds.
Vanden Bemden, G. (2018). Forges d’Aiseau
(Société des). BE-Monumen. https://be-monumen.be/patrimoine-belge/forges-d-aiseau-societe-des/




