België en Costa Rica tijdens Wereldoorlog 2 deel 17
Belgen en Costa Ricanen bij de geallieerde luchtmacht
Tijdens de Duitse inval in
België in mei 1940 had de Belgische luchtmacht bijna al zijn materiaal en 28
piloten verloren. Na de Belgische capitulatie konden veel piloten naar Engeland vluchten waar ze in
dienst traden van de RAF (Royal Air Force). 15 Belgen werden al onmiddellijk
ingezet in juni 1940 tijdens de “Battle of Britain”. Nog 14 anderen namen deel
als navigator of artillerist. Velen kwamen daarna in squadron 609 terecht. Eén
van hen was Rodolphe de Hemricourt de Grunne die op 21 mei 1941 werd
neergeschoten en in zee verdronk.
Rodolphe de Hemricourt de Grunne (Foto : www.belgian-wings.be)
Een andere piloot, Jean de Sélys Longchamps, vocht
op 20 januari 1943 een privé-oorlog uit. Na een missie volbracht te hebben,
liet Jean de Sélys zijn collega
terugvliegen naar Engeland terwijl hij naar Brussel vloog, richting Louizalaan.
Daar was in de “Résidence Belvédère”, een luxueus appartementsgebouw, het
hoofdkwartier gevestigd van de Gestapo (de Duitse Geheime Staatspolitie).
Politieke gevangenen en verzetsleden werden er in de kelders opgesloten en
gefolterd. Het gebouw bevond zich op nummer 453, zo’n 140 meter van de plaats
waar zich nu de Costa Ricaanse Ambassade bevindt. Wanneer het hoge gebouw in zijn vizier kwam,
dook Jean de Sélys er recht op af en zette hij zijn kanonnen in werking. De
nauwkeurigheid van zijn vuur was zo groot dat geen enkel naburig huis werd
getroffen. Vervolgens gooide hij twee bommen van 250 kilo op het gebouw en
vernietigde alzo het archief met gegevens over het verzet. Vier Duitsers werden gedood waaronder de chef
van de “Sicherheitsdienst” en vijf werden zwaargewond. Op
de terugweg gooide Jean de Sélis een duizendtal Belgische vlaggetjes uit. Zo
wou hij zijn landgenoten terug hoop geven. Bij zijn terugkeer in Engeland kreeg
hij een militaire onderscheiding voor moed en doorzettingsvermogen maar werd
toch door zijn superieuren gedegradeerd en overgeplaatst naar Squadron 3. Op 16
augustus 1943 verongelukte hij tijdens een noodlanding op de luchthaven van
Manston (Engeland).
Jean de Sélys Longchamps (foto:Het Journaal van de Eeuw, VRT)
In 1943 waren er meer Belgische
piloten bij de RAF dan in 1940 bij de Belgische luchtmacht. Vandaar dat een
volledig Belgisch squadron (350) werd opgericht. In totaal zijn tijdens de tweede Wereldoorlog
207 Belgen gesneuveld bij de RAF.
Ook enkele Costa Ricanen waren
bij de RAF.
Douglas Murray Quiros, broer van
Bruce die sneuvelde in Duinkerken (zie deel 4).
George Ernest Campos (zoon van
een Engelse vader en een Costa Ricaanse moeder) nam deel aan de verdediging van
Ijsland en aan bombardementen van Duitse onderzeeërs.
Douglas Murray Quiros George Ernest Campos
John Sheehy Jochs was actief in
Canada en aan verschillende fronten in Europa.
Over Cecil F. O’ Donnell Quiros,
piloot bij de Canadese RAF, en gesneuveld op 17 augustus 1944 komen we in een
later hoofdstuk nog terug.
De meesten traden echter in
dienst bij de Amerikaanse luchtmacht waaronder :
Vernor O’Donnel Quiros (zoon van
een Engelse vader en een Costa Ricaanse moeder) volbracht 35 missies boven
vijandelijk gebied.
De gebroeders Arango Bolandi
(geboren in New York en zonen van een Colombiaanse vader en een Costa Ricaanse
moeder). Gastón volbracht 32 gevechtsmissies met het “7th Bomb Squadron 34th
Bomb Group Air Force”. Douglas was
voornamelijk actief in de Pacific.
Luis Ruben Carmona, Arnoldo
Guardia Bolandi (geboren in New York en zoon van Costa Ricaanse ouders) en Bernardo
Yglesias waren allen actief in de Pacific. Over deze laatste piloot, gesneuveld
op 29 mei 1945, komen we in een later
hoofdstuk nog terug.
Bélgica y Costa Rica
durante la Segunda Guerra Mundial 17 parte
Belgas y
costarricenses en la fuerza aérea aliada
Durante la invasión alemana en Bélgica en mayo
de 1940, la Fuerza Aérea belga perdió casi todo su equipo y 28 pilotos. Después
de la rendición belga, muchos pilotos pudieron huir a Inglaterra, donde se
unieron a la Royal Air Force (RAF). Quince belgas fueron desplegados
inmediatamente en junio de 1940 durante la "Batalla de Gran Bretaña".
Otros 14 más participaron como navegantes o artilleros. Muchos terminaron en el
escuadrón 609. Uno de ellos fue Rodolphe de Hemricourt de Grunne, quien recibió
un disparo el 21 de mayo de 1941 y se ahogó en el mar. Otro piloto, Jean de
Sélys Longchamps, libró una guerra privada el 20 de enero de 1943. Después de
cumplir una misión, Jean de Sélys hizo que su colega volviera a Inglaterra
mientras volaba a Bruselas, hacia Avenue Louise. La "Résidence
Belvédère", un lujoso edificio de apartamentos, albergaba allí la sede de
la Gestapo (la policía secreta del estado alemana). Presos políticos y miembros
de la resistencia fueron encarcelados y torturados en sus bodegas. El edificio
estaba ubicado en el número 453, a unos 140 metros de donde ahora se encuentra
la Embajada de Costa Rica. Cuando el alto edificio llamó su atención, Jean de
Sélys se lanzó directamente hacia él y disparó sus cañones. La precisión de su
fuego fue tan grande que ninguna casa vecina fue golpeada. Luego arrojó dos
bombas de 250 kilogramos en el edificio, destruyendo así el archivo con
información sobre la resistencia. Cuatro alemanes fueron asesinados, incluído
el jefe del "Sicherheitsdienst" (servicio de seguridad) y cinco
resultaron gravemente heridos. En el camino de regreso, Jean de Sélis arrojó
mil banderas belgas. Quería darle esperanza a sus compatriotas nuevamente. A su
regreso a Inglaterra recibió un premio militar por su valor y perseverancia,
pero sus superiores lo degradaron y lo transfirieron al Escuadrón 3. El 16 de
agosto de 1943, se estrelló en un aterrizaje de emergencia en el aeropuerto de
Manston (Inglaterra).
Jean de Sélys Longchamps (foto:Het Journaal van de Eeuw, VRT)
En 1943 había más pilotos belgas con la RAF que
en 1940 con la Fuerza Aérea belga. Por eso se estableció un escuadrón
completamente belga (350). Un total de 207 belgas murieron en la RAF durante la
Segunda Guerra Mundial.
Algunos costarricenses también estuvieron con
la RAF. Douglas Murray Quiros, hermano de Bruce que murió en Dunkerque (ver
parte 4). George Ernest Campos (hijo de un padre inglés y de madre
costarricense) participó en la defensa de Islandia y el bombardeo de submarinos
alemanes. John Sheehy Jochs estuvo activo en Canadá y en varios frentes en
Europa. Acerca de Cecil F. O'Donnell Quiros, piloto de la RAF canadiense, quien
murió el 17 de agosto de 1944, hablaremos en un capítulo posterior. La mayoría,
sin embargo, entró en servicio con la Fuerza Aérea de los Estados Unidos,
incluyendo:
Vernor O'Donnel Quiros (hijo de un padre inglés
y de madre costarricense) completó 35 misiones sobre territorio enemigo.
Los hermanos Arango Bolandi (nacidos en Nueva
York e hijos de un padre colombiano y una madre costarricense). Gastón completó
32 misiones de combate con el "Séptimo Escuadrón de Bombas 34º Grupo de
Bomberos de la Fuerza Aérea". Douglas estuvo principalmente activo en el
Pacífico.
Douglas Arango Bolandi Gaston Arango Bolandi
Luis Ruben Carmona, Arnoldo Guardia Bolandi
(nacido en Nueva York e hijo de padres costarricenses) y Bernardo Yglesias estuvieron
activos en el Pacífico. Volveremos a hablar de este piloto, quien falleció el
29 de mayo de 1945, en un capítulo posterior.
Arnoldo Guardia Bolandi Vernor O'Donnel Quiros
Bronnen/Fuentes/Sources:
Homenaje a
los combatientes costarricenses en la Segunda Guerra Mundial
De Belgen in Engeland 40/45 : de Belgische strijdkrachten in
Groot-Brittannië tijdens WOII, Frank Decat
https://bel-memorial.org
www.cwgc.org
Foto’s van de
Costa Ricaanse piloten komen uit/Fotos de los pilotos costarricenses tomado del
libro : Homenaje a los combatientes costarricenses en la Segunda Guerra Mundial.
No hay comentarios.:
Publicar un comentario